Klimaat en gezonde leefomgeving

Bijdragen aan de energietransitie

Wat hebben we bereikt?

In 2025 zette de provincie Noord-Holland verdere stappen in het terugdringen van de uitstoot van CO en andere schadelijke stoffen, en in het verbeteren van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving. De provincie bleef zich onverminderd committeren aan de landelijke klimaatdoelen, waaronder een CO -reductie van 55 procent in 2030 ten opzichte van 1990 en het streven naar een klimaatneutrale provincie in 2050.
De energietransitie is op programmaniveau versterkt door het vaststellen en uitvoeren van kaderstellende besluiten die bijdragen aan de verduurzaming van energieopwekking, industrie en mobiliteit.
Hierna volgen de resultaten die we op de verschillende onderdelen hebben bereikt.

  • Voor het vergroten van het aanbod van hernieuwbare energie en het versterken van het lokaal eigendom:
    • is de uitvoering van de Regionale Energiestrategieën (RES’en) voortgezet, met focus op realisatie van afgesproken projecten voor zonne- en windenergie.
    • zijn we bij nieuwe en lopende projecten blijven streven naar minimaal 50 procent lokaal eigendom, in samenwerking met gemeenten en energiecoöperaties.
  • Binnen de warmtetransitie en voor het slim gebruik van het elektriciteitsnet:
    • ondersteunden we gemeenten bij de uitvoering van warmtetransitiebeleid en het opstellen van warmteprogramma’s, met inzet van het Servicepunt Duurzame Energie (SPDE) .
    • is voortgang geboekt bij het ontwikkelen van slimme netoplossingen om het bestaande elektriciteitsnet beter te benutten.
  • Voor de verduurzaming van bedrijventerreinen en glastuinbouw:
    • is de aanpak van energiebesparing bij bedrijven voortgezet, in lijn met het Energiebesparingsakkoord 2022–2026 .
    • zijn bedrijven (via de omgevingsdienst) actiever gewezen op hun wettelijke verplichtingen voor energiebesparingsmaatregelen.
  • Voor het toekomstbestendig maken van het energiesysteem en energie-infrastructuur:
    • is voortgang geboekt bij het versnellen van geplande netuitbreidingen, samen met gemeenten, het Rijk en netbeheerders.
    • zijn Provinciale Staten betrokken bij ruimtelijke keuzes rond grote energie-infrastructuurprojecten.
  • Voor de doorontwikkeling en realisatie van het energienetwerk:
    • werkten we samen met onze partners aan de doorontwikkeling en realisatie van de energienetwerken.
  • Om de klimaatdoelen te behalen:
    • is beter inzicht ontstaan in de voortgang van het behalen van de klimaatdoelen voor 2030, inclusief de resterende opgave, en is klimaatbeleid nadrukkelijker verbonden aan betaalbaarheid, draagvlak en een eerlijke verdeling van lasten en baten.

Wat hebben we ervoor gedaan?

1.1 Gedeputeerde Staten hebben zich ingezet voor de versnelling van de uitvoering van de Regionale Energiestrategieën (RES’en) . Dit deden zij door gemeenten te ondersteunen binnen de energieregio bij planvorming, participatie en ruimtelijke afwegingen rond zon- en windprojecten.
De provincie heeft haar coördinerende en faciliterende rol ingevuld via bestuurlijke overleggen, kennisdeling, bijvoorbeeld de campagne ‘Van Hoe naar Zo’ , en advisering over lokaal eigendom en participatiemodellen, in lijn met provinciale ambities.
Via provinciale communicatie en nieuwsberichten was er aandacht voor de voortgang van duurzame energieprojecten en de samenhang met andere ruimtelijke opgaven, zoals natuur, landschap en netcapaciteit. De belangrijkste ontwikkelingen staan in het Dashboard Klimaat en Energie .
2.1 Om netcongestie tegen te gaan, spande de provincie zich onder andere in voor de versnelling van netuitbreidingen , de implementatie van slimme (collectieve) netoplossingen en voor de uitvoering van de maatregelen die voortkomen uit het congestiemanagementonderzoek .
2.2 De provincie ondersteunde via het Servicepunt Duurzame Energie (SPDE) gemeenten bij de uitvoering van warmtetransitiebeleid en het opstellen van uitvoerbare warmteprogramma’s, zoals de Omgevingswet eist.
2.3 Het SPDE bood gemeenten inhoudelijke begeleiding, formats, kennissessies en een-op-een advies, gericht op keuzes voor warmtestrategieën, fasering en betaalbaarheid voor inwoners.
Daarnaast kwam er meer ondersteuning bij de uitvoering in wijken. Gemeenten kregen hulp bij het concretiseren van vervolgstappen, de samenwerking met netbeheerders en het betrekken van bewoners.
3.1 De provincie ging samen met gemeenten en omgevingsdiensten door met de uitvoering van het Energiebesparingsakkoord : bedrijven werden op een stimulerende manier gewezen op hun wettelijke plicht tot het nemen van energiebesparende maatregelen. De provincie faciliteerde deze aanpak door afstemming tussen omgevingsdiensten , kennisuitwisseling en bestuurlijke ondersteuning, zodat toezicht en handhaving zo uniform en effectief mogelijk konden plaatsvinden.
Via provinciale communicatie was er aandacht voor verduurzaming van bedrijventerreinen als onderdeel van een toekomstbestendige economie en het verminderen van CO uitstoot.
4.1 Provinciale Staten stemden in met de Energievisie 2.0 , de pMIEK 2.0 , waarmee richting is gegeven aan de realisatie van het toekomstige energiesysteem.
4.2 Gedeputeerde Staten stuurden op het versnellen van geplande netuitbreidingen, door procesafspraken te maken met gemeenten, netbeheerders en het Rijk over planning en besluitvorming.
4.3 De provincie faciliteerde de Energyboard en nam hieraan ook zelf deel. De Energyboard monitort de voortgang van netuitbreidingen en bespreekt de gezamenlijke knelpunten.
Samen met het Rijk en gemeenten werkte de provincie aan de ruimtelijke inpassing van grootschalige energie-infrastructuur, zoals hoogspanningsverbindingen en aanlandingen van wind op zee .
4.4 Er is verder gewerkt aan de uitvoering van het provinciaal 'Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat' (pMIEK) , waarmee Provinciale Staten kaders stellen voor prioritering van energieprojecten richting 2050.
5.1 Provinciale Staten stemden in met het 'Waterstofprogramma 2025–2027' , waarmee waterstof is verankerd als strategisch instrument voor CO2-reductie in sectoren, zoals zwaar transport en industrie.
De provincie gaf uitvoering aan het ‘Convenant Waterstof in Zware Mobiliteit ’, onder andere door samenwerking met vervoerders, havenbedrijven en industriële partners te ondersteunen.
De provincie nam actief deel aan (inter)nationale initiatieven, zoals RH2INE en CONDOR , gericht op de toepassing van waterstof in de binnenvaart en logistiek.
Daarnaast ondersteunde de provincie de ontwikkeling van een nationaal waterstofnetwerk in en rond het Noordzeekanaalgebied en de verbinding richting Rotterdam.
5.2 Via het Programmabureau Noordzeekanaalgebied en in samenwerking met onder andere de Omgevingsdienst IJmond werkte de provincie aan coördinatie, vergunningverlening en het benutten van Europese middelen, zoals het Just Transition Fund , voor verduurzaming van industrie en werkgelegenheid.
6.1 De provincie Noord-Holland voerde in 2025 de Noord-Hollandse Klimaataanpak uit door doelen, maatregelen en middelen te verbinden via de provinciale klimaat- en energieverkenning (pKEV), het Dashboard Klimaat en Energie en de eerste Klimaatbegroting. Daarnaast ging een verkennende aanpak voor koolstofverwijdering van start en werden maatschappelijke partijen actief betrokken via het Expertpanel Klimaat en door ondersteuning van lokale initiatieven.

Wat heeft het gekost?

Beleidsdoel 2.1 Bijdragen aan de energietransitie

Ontwerp
begroting
2025 **

Actuele
begroting
2025 **

Jaarrekening
2025

Bedrag
verschil *

Lasten

20.052

N

19.666

N

19.761

N

-95

Baten

-2.282

V

-7.775

V

-9.206

V

1.431

Saldo van baten en lasten

17.770

N

11.891

N

10.555

N

1.336

Stortingen reserves

Reserve Duurzame Elektriciteit

0

V

-900

V

-900

V

0

Reserve Warmtetransitie

1.740

N

702

N

702

N

0

Reserve Energietransitie

100

N

100

N

100

N

0

Onttrekkingen reserves

Reserve Warmtetransitie

0

V

-878

V

-750

V

-128

Reserve Subsidies Warmtetransitie

-765

V

-1.039

V

-1.577

V

538

Reserve Energietransitie

-2.092

V

354

N

451

N

-97

Resultaat

16.753

N

10.230

N

8.581

N

1.649

*een positief verschil ten opzichte van de actuele begroting is voordelig

Beleidsindicatoren

Indicator

Meeteenheid

Gerealiseerd

Toelichting

Luchtverontreiniging: CO2 emissie in ton (BBV indicator)

Aantal

12.792.000

Betreft de totaal bekende CO2 uitstoot (Aardgas, elektriciteit, stadswarmte, voertuigbrandstoffen) in 2024 in de provincie Noord-Holland.
Bron: De Klimaatmonitor Rijkswaterstaat

Energieneutraliteit: productie van energie in petajoule (BBV indicator)

Aantal

29.278.000

Betreft de totale productie van hernieuwbare energie in petajoule in 2023
Bron: Klimaatmonitor Rijkswaterstaat

Deze pagina is gebouwd op 05/13/2026 08:43:12 met de export van 05/13/2026 08:29:21