In het Perspectief Mobiliteit 2021 is geconstateerd dat de groeiende mobiliteitsbehoefte alleen maar gefaciliteerd kan worden als verkeersdeelnemers zich op een meer duurzame, slimme en veilige manier verplaatsen. Om dat te bereiken zet de provincie in op een mobiliteitstransitie van verminderen, veranderen en verbeteren. Dit doet de provincie samen met de regio onder het motto ‘slim, schoon en veilig’. De provincie pakt in die samenwerking haar rol door kennisdeling, het verbinden van partijen en het waar nodig en mogelijk beschikbaar stellen van middelen.
De provincie Noord-Holland werkt aan de mobiliteitstransitie vanuit verschillende rollen. Als partner stimuleert de provincie andere wegbeheerders (met bijvoorbeeld subsidies) om te werken aan bereikbaarheids- en leefbaarheidsopgaven binnen hun areaal en bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de rol van initiatiefnemer ontwikkelt de provincie beleid en investeert in kennisontwikkeling, innovatie, gedrag, transformatie van infrastructuur en nieuwe infrastructuur (iMPI). Op het gebied van doorfietsroutes en verkeersveiligheid heeft de provincie een regierol en, waar het provinciale netwerken betreft, ook een uitvoerende rol. Daarnaast heeft de provincie het Ontwerp Actieplan Geluid besproken met Provinciale Staten en vervolgens vastgesteld. Tot slot onderhoudt de provincie haar infrastructuur en optimaliseert het gebruik daarvan, onder meer door gebruik te maken van beschikbare innovaties (zoals smart mobility). Werken aan infrastructuur doet de provincie duurzaam, indien dit redelijkerwijs haalbaar is.
Wat hebben we bereikt?
Op onderdelen is hierbij bereikt:
A. Het versterken van de samenwerking met het Rijk, regio, gemeenten en overige partijen met het oog op de hoofdopgaven mobiliteit uit het Perspectief Mobiliteit Noord-Holland.
B. Het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen (in CO2 gemeten) door mobiliteit in de provincie Noord-Holland met 55 procent in 2030 ten opzichte van het referentiejaar 1990. Dit wordt bereikt zonder bereikbaarheid, veiligheid, leefbaarheid, circulariteit, inclusiviteit en gezondheid uit het oog te verliezen.
C. Een verbetering van het regionale fiets- en voetgangersnetwerk en de verkeersveiligheid (overigens heeft dit nog niet geleid tot een vermindering van het aantal verkeersslachtoffers).
D. Het verplaatsen van vervoer over de weg naar het water en het spoor, omdat hier veel onbenutte capaciteit beschikbaar is. Zo ontlasten we de andere mobiliteitsnetwerken. In de vastgestelde ‘Agenda Slimme en Schone Logistiek’ staan maatregelen en activiteiten die helpen deze doelstelling te bereiken.
Wat hebben we ervoor gedaan?
A1. In 2025 is, samen met de inliggende gemeenten, een ‘Regionale Agenda Mobiliteit’ (RAM) opgesteld voor de regio Gooi en Vechtstreek. Hiermee is er nu voor elke deelregio een RAM. Daarnaast is de RAM Westfriesland geactualiseerd. Naast het opstellen en actualiseren van de RAM's zijn de acties die erin staan verder gebracht.
A2. In het kader van Duurzame Mobiliteit heeft de provincie deelgenomen aan vele samenwerkingsverbanden, waaronder:
- Platform Mobiliteit MRA,
- Platform Mobiliteit Noord-Holland Noord,
- Programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB),
- Provinciale Verkeer en Vervoer Beraden (PVVB-en) op deelregio-niveau,
- Interprovinciaal Overleg (IPO),
- Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG).
A3. Het stimuleren en versterken van het STOMP-principe (stappen, trappen, ov, mobility as a service (inclusief deelmobiliteit) en privéauto's). Dit principe is nog niet opgenomen in de omgevingsverordening Noord-Holland bij gebiedsontwikkeling. De provincie startte in 2025 met een onderzoek om in kaart te brengen wat hier precies voor nodig is. Dat heeft onder andere betrekking op het functioneren van ons huidig instrumentarium, zoals het (door gemeenten) werken met Mobiliteitsprogramma’s van Eisen. Dat onderzoek vergt meer tijd.
A4. De provincie nam (bestuurlijk en ambtelijk) deel aan het project Openbaar Vervoer Verbinding Amsterdam Hoofddorp (OVAH) en (bestuurlijk) aan het project Zuidasdok. De resultaten daarvan zijn opgenomen in de afspraken van het BO MIRT 2025.
A5. De provincie zette in op de uitvoering van de afspraken over woningbouw en infrastructuur (waaronder ov) die de afgelopen jaren zijn gemaakt met Rijk en regio. Daarbij hebben we volop ingezet op nieuwe woningbouw en mobiliteitsafspraken. Die zijn tot stand gekomen bij het BO MIRT 2025 en voor Noord-Holland grotendeels succesvol. Een groot aantal projecten is gehonoreerd, waarbij de provincie bij een aantal (zoals Stationsgebied Heerhugowaard) ook cofinanciering heeft ingezet.
A6. De provincie begon met een update van het Perspectief Mobiliteit. Deze update wordt in 2026 aan Provinciale Staten aangeboden.
De provincie gaf uitvoering aan het transitiepad Mobiliteit uit de Noord-Hollandse Klimaataanpak, met onder andere de volgende activiteiten:
- B1. Uitvoering ‘Regionaal Mobiliteitsprogramma’ (RMP): in 2025 zijn in vijf regio’s uitvoeringsagenda’s duurzame mobiliteit opgesteld of verder uitgewerkt, samen met de gemeenten. Deze agenda’s bevatten maatregelpakketten die bijdragen aan de doelen van het RMP. In de regio Alkmaar is de uitvoeringsagenda volledig afgerond. Het pakket ‘deelmobiliteit, MaaS en hubs’ is uitgewerkt en geactualiseerd, en er is gestart met ‘werkgerelateerde personenmobiliteit’.
- In de regio ZuidKennemerland/IJmond is een conceptversie van de uitvoeringsagenda gereed, met uitwerking van dezelfde maatregelpakketten.
- In de regio’s Gooi en Vechtstreek, West-Friesland en de Kop van Noord-Holland wordt gewerkt aan de uitwerking van ‘deelmobiliteit, MaaS en hubs’. In de regio Gooi en Vechtstreek is het pakket ‘verduurzaming logistiek’ tijdelijk stilgezet door afgenomen draagvlak voor een zero-emissiezone.
- In de gemeenten die behoren tot de Veiligheidsregio Amsterdam (VRA) is een gespreksronde gehouden over duurzame mobiliteit. De resultaten zijn samengebracht in een rapport. Begin 2026 besluiten de gemeenten of zij een vergelijkbaar traject starten als in de andere regio’s.
Daarnaast is in 2025 een eerste prototype van de RMP-monitor ontwikkeld. Deze gaat inzicht geven in de voortgang, ambities en effecten van maatregelen op gemeentelijk, regionaal en provinciaal niveau. De RMP-website is geactualiseerd en gemeenten (behalve in VRA-gebied) zijn geïnformeerd over de voortgang.
B2. Werkgeversaanpak: binnen SBaB is in 2025 onderzocht hoe de werkgeversaanpak beter kan worden ingericht. De huidige werkwijze voldeed niet meer aan de wensen van het Rijk en de regio. Na analyse van juridische aspecten, praktijkervaring en voorbeelden uit andere regio’s is besloten de aanpak fundamenteel te hervormen en uit te werken.
B3. ‘Nationale en Regionale Agenda Laadinfrastructuur’ (MRA-E). De belangrijke resultaten in 2025 zijn onder meer:
- Start van Plug & Save, waarmee e-rijders korting krijgen bij laden buiten piekuren (toepasbaar bij ongeveer 1.000 slimme laadpalen).
- Uitbreiding van het aantal laadpunten naar 17.432.
- Aanbesteding voor laadinfra in 45 parkeergarages.
- Aanpak op twaalf bedrijventerreinen; twee afgerond, zeven in ontwikkeling en drie zonder vervolg.
- Voorbereiding van aanbesteding MRA-E 7.
B4. Duurzame brandstoffen: de provincie werkt mee aan de landelijke strategie Clean Energy Hubs Binnenvaart. In 2025 is een marktconsultatie gehouden waaruit voldoende interesse bleek voor een subsidieregeling. De provincie bereidt deze regeling voor, met cofinanciering en aanvraag van SPUKmiddelen bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
C1. Op het gebied van actieve mobiliteit is uitvoering gegeven aan de acht actielijnen uit de ‘Actieagenda Actieve Mobiliteit 2022–2027’. In 2025 hebben we zeventien doorfietsrouteprojecten van gemeenten gesubsidieerd voor de verbetering en aanleg van vijftien kilometer fietspad, waarvan dertien kilometer bestaand en twee kilometer nieuw fietspad. Daarnaast is een bijdrage geleverd aan de instandhouding van de pont Ilpendam.
Op provinciaal areaal zijn drie fietsprojecten afgerond. Het gaat om het aanbrengen van kantmarkering op 160 km fietspad, twee plateaus bij de N239 en een middengeleider op de N501. Er zijn veertien lopende fietsprojecten in de studie-, plan- of realisatiefase. Eén daarvan is in 2025 toegevoegd. Verder is samen met partners gewerkt aan de planvorming voor uitbreiding van fietsparkeerplekken bij ov-knooppunten (onder andere bij Crailo en Muiden). Ook zijn recreatieve wandel- en fietsnetwerken uitgebreid (bijvoorbeeld het wandelnetwerk op Texel). Daarnaast is ingezet op fietsstimulering via onder andere de werkgeversaanpak.
Tot slot startte de provincie een pilot, waarmee innovatieve fietsteltechnieken binnen het provinciale areaal zijn getest en is de digitale fietsnetwerkenkaart geactualiseerd.
C2. In 2025 is verder gewerkt aan de uitvoering van de maatregelen uit de ‘Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid 2024–2030.’ Hierin staan maatregelen die de provincie neemt op het gebied van het veiliger inrichten van wegen en het stimuleren van veilig gedrag. In 2025 zijn 27 projecten van gemeenten gesubsidieerd om de verkeersveiligheid op wegen en fietspaden te verbeteren. Ook op provinciaal areaal zijn verkeersveiligheidsverbeteringen doorgevoerd. Zie 4.4 ‘Provinciale Infrastructuur in stand houden en ontwikkelen’.
Op het gebied van gedrag heeft de provincie, naast de inzet op verkeerseducatie aan scholieren en voorlichting over fietsveiligheid aan ouderen (zie C3), het afgelopen jaar ook diverse landelijke verkeersveiligheidscampagnes ondersteund, zoals BOB (rijden onder invloed) en MONO (afleiding in het verkeer). Daarnaast is, samen met de Vervoerregio Amsterdam, een pilot gestart met voorlichting over Geneesmiddelen in het verkeer. Verder is, samen met Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) en politie, ingezet op handhaving door trajectcontroles en de plaatsing van vaste en flexibele flitspalen (snelheid) en focusflitsers (gericht op telefoongebruik). Hoewel de combinatie van deze infrastructurele en gedragsmaatregelen nog niet direct heeft geleid tot een vermindering van het aantal verkeersslachtoffers, is de verwachting dat dit hier op termijn wel aan bijdraagt.
C3. De subsidieregeling doorfietsroutes en verkeersveiligheid is voortgezet (deze heette voorheen de subsidieregeling kleine infrastructuur). Hieruit zijn 27 projecten gesubsidieerd voor een totaalbedrag van € 12 miljoen. Al deze projecten leverden een bijdrage aan de verkeersveiligheid en zeventien projecten hiervan waren specifiek gericht op een doorfietsroute. Vanuit de subsidieregeling Verkeerseducatie zijn 32 verkeerseducatieprojecten gesubsidieerd voor basisscholen en achttien projecten voor middelbare scholen voor in totaal € 1,5 miljoen. Er is € 210.000 subsidie verleend voor doortrapprojecten in 28 gemeenten. Hiermee zijn ruim 6.640 ouderen bereikt met voorlichting over veilig fietsgedrag en beschermingsmiddelen, ruim 2.000 meer dan vorig jaar.
D1. De provincie heeft uitvoering gegeven aan de ‘Agenda slimme en schone logistiek’. Op onderdelen zijn de volgende resultaten bereikt:
- De Kernnetvisie provincie Noord-Holland is vastgesteld.
- Het ‘Noord West Connect-programma’ is doorgezet en verschillende goederenstromen zijn van weg naar water gebracht.
- Het realisatiepact Amsterdam en omstreken is opgesteld samen met het havenbedrijf van Amsterdam en het ministerie van IenW, en bij het BO MIRT Goederenvervoercorridors 2025 (8 januari 2026) ter besluitvorming voorgelegd. Er zijn zes richtingen vastgelegd waarin de komende twee jaar samen met het havenbedrijf van Amsterdam, IenW, RWS en de regionale partners gewerkt wordt aan duurzame en efficiënte logistiek. Het doel is om zo snel mogelijk tot concrete voorstellen te komen om de logistieke knelpunten in Noord-Holland op te lossen en de nadelige invloed van logistiek op de leefbaarheid in Noord-Holland zo klein mogelijk te maken.
- De provincie nam deel aan werkgroepen van het Topcorridors-programma. In dit programma wordt kennis uitgewisseld en worden projecten opgezet en uitgevoerd. De werkgroepen verslogistiek, Europese subsidies, digitalisering zijn al actief en er wordt een start gemaakt met de werkgroep binnenvaartvoorzieningen.
- Naar de afspraak uit BO MIRT 2024 is een voorverkenning uitgevoerd met het bedrijfsleven in de sierteeltsector over het delen van data in de verslogistiek om efficiënter en duurzamer vervoer te realiseren.
D2. Focus Smart Mobility. Op onderdelen zijn de volgende resultaten bereikt:
- Binnen het ‘Metropolitaan Hubsysteem-programma’ is in 2025 de laatste fase van het ‘internet of cargo’ opgesteld, zodat in 2026 met de logistieke dienstverleners en verladers kan worden gewerkt aan duurzaam en efficiënt vervoer over water.
- Er is een voorverkenning en een projectplan uitgewerkt over data & logistiek voor de provincie Noord-Holland, met als doel het inzicht in logistiek te verbeteren en goed beleid op logistiek te kunnen voeren.
D3. ‘Regionale uitvoeringsagenda Stadslogistiek’. Het volgende resultaat is bereikt:
- De Vervoerregio Amsterdam is trekker en werkt met de provincie Noord-Holland en Flevoland samen in de RUAS. Op verzoek van gemeenten worden zij ondersteund met kennisdeling en onderzoek.
Wat heeft het gekost?
Beleidsdoel 4.1 Realiseren perspectief mobiliteit | |||||||
Ontwerp | Actuele | Jaarrekening | Bedrag | ||||
Lasten | 30.267 | N | 44.674 | N | 32.846 | N | 11.828 |
Baten | 100 | N | -5.389 | V | -5.939 | V | 550 |
Saldo van baten en lasten | 30.367 | N | 39.285 | N | 26.908 | N | 12.377 |
Stortingen reserves | |||||||
Reserve Mobiliteitsbeleid | 205 | N | 205 | N | 205 | N | 0 |
Reserve Uitvoeren van Mobiliteitsbeleid door Derden | 11.482 | N | 23.712 | N | 23.712 | N | 0 |
Reserve verleende subsidies OD 4.1.2 | 4.750 | N | 70.723 | N | 70.723 | N | 0 |
Onttrekkingen reserves | |||||||
Reserve Mobiliteitsbeleid | -855 | V | -1.614 | V | -1.512 | V | -102 |
Reserve Uitvoeren van Mobiliteitsbeleid door Derden | -29.408 | V | -24.548 | V | -16.412 | V | -8.136 |
Reserve verleende subsidies OD 4.1.2 | 0 | V | -15.728 | V | -11.349 | V | -4.379 |
Resultaat | 16.541 | N | 92.035 | N | 92.274 | N | -239 |
*een positief verschil ten opzichte van de actuele begroting is voordelig
